Voorkant NZMO 2026 Uitsnede

NZMO 2026: Elektrisch wordt de norm

Gepubliceerd op 01 oktober 2026

De elektrificatie van de zakelijke mobiliteit zet stevig door. Werkgevers nemen daarbij steeds nadrukkelijker de regie, terwijl kosten, laden en fiscaliteit een steeds grotere rol spelen in de keuzes die zij maken. Dat blijkt uit het Nationaal Zakelijke Mobiliteitsonderzoek (NZMO) 2026. Voor de leasesector verschuift daarmee de opgave: van het stimuleren van elektrisch rijden naar het ondersteunen van werkgevers bij een succesvolle én betaalbare uitvoering.

De VNA, al jarenlang partner van het onderzoek, ziet een aantal duidelijke ontwikkelingen. Bedrijven hebben op het gebied van zakelijke mobiliteit te maken met flinke uitdagingen in elektrificatie en kostenbeheersing. Leasemaatschappijen kunnen een belangrijke adviserende rol spelen in het managen van deze uitdagingen. Tegelijkertijd laat NZMO een positief beeld zien van de bedrijvigheid en wordt een lichte groei van het aantal zakenauto’s verwacht. De belangrijkste verandering zit echter niet in het aantal auto’s, maar in de samenstelling van het wagenpark en de manier waarop zakelijke mobiliteit wordt georganiseerd.

Zakelijke markt elektrificeert in een nog hogere versnelling

Bedrijven verwachten dat het aandeel elektrisch in zakelijke personenauto’s stijgt van 43% in 2026 naar 78% in 2030. Elektrificatie werd door een deel van de werkgevers al gestimuleerd of zelfs verplicht. Inmiddels staat 55% van de bedrijven uitsluitend volledig elektrisch toe.
Het onderzoek laat tegelijkertijd zien dat werkgevers niet allemaal op hetzelfde punt in de transitie staan. Grote organisaties lopen duidelijk voorop. Bij organisaties met 1.000 of meer medewerkers geldt inmiddels bij 90% een EV-verplichting, terwijl kleinere bedrijven benzine en plug-inhybride langer beschikbaar houden. Een belangrijk deel van het resterende elektrificatiepotentieel ligt daarmee bij het mkb. Juist daar zijn voorspelbare kosten, praktische laadoplossingen, een passend aanbod en duidelijke ondersteuning rond fiscaliteit belangrijke voorwaarden. 

Renate Hemerik, voorzitter VNA, geeft reactie: “Juist bij het mkb moeten we voorkomen dat de overstap naar elektrisch vooral een fiscale verplichting wordt. Voorspelbare kosten, voldoende en betaalbare laadmogelijkheden en een passend aanbod minstens zo belangrijk. Leasemaatschappijen spelen hierin een belangrijke rol: zij nemen de grote investeringen in elektrische auto’s voor hun rekening, waardoor bedrijven hun kapitaal kunnen inzetten voor hun eigen kernactiviteiten.”

Voorkant NZMO 2026

Pseudo-eindheffing leidt ook tot ongewenste effecten

Niet iedere werkgever wil of kan het hoge tempo van elektrificatie bijbenen. Zo anticiperen vooral ook kleinere bedrijven op de komst van de pseudo-eindheffing per 2027 door nog dit jaar nieuwe brandstofauto’s te bestellen: 25% verwacht bestaande auto’s langer te laten doorrijden en 17% wil voor 2027 nog extra personenauto’s met een verbrandingsmotor inzetten. Tegelijkertijd verwacht 54% door de maatregel juist eerder over te stappen op volledig elektrisch.
Versnelde elektrificatie vergroot ondertussen wel enkele operationele uitdagingen voor werkgevers. Het faciliteren van regelingen voor vervangend vervoer en verzorgen van laadvoorzieningen thuis en op werk worden vaker dan voorheen als uitdaging gezien. 

Renate Hemerik: “De cijfers in NZMO bevestigen waar VNA sinds de aankondiging van de pseudo-eindheffing voor heeft gewaarschuwd. De heffing geeft weliswaar een extra prikkel om te elektrificeren, maar lokt tegelijkertijd gedrag uit dat daar haaks op staat en legt extra druk op de praktische uitvoering. Werkgevers hebben behoefte aan consistent en voorspelbaar beleid wat de overstap naar elektrisch ondersteunt, in plaats van een regeling die de markt op korte termijn verstoort en bovendien veel administratieve lasten met zich meebrengt.”

Zakenauto blijft belangrijk, maar positie verandert

De positie van de zakenauto verandert: 53 procent van de bedrijven verwacht dat de zakenauto over een jaar minder vaak als arbeidsvoorwaarde wordt aangeboden, tegenover 44 procent in 2025. Werkgevers die een kleiner wagenpark verwachten, kijken onder meer naar mobiliteitsbudgetten, poolauto’s en een efficiëntere benutting van het bestaande wagenpark. 

Een brede doorbraak van het mobiliteitsbudget is echter nog niet zichtbaar. Volgens het onderzoek biedt 21 procent van de bedrijven een mobiliteitsbudget aan. De zakenauto verdwijnt daarmee niet, maar ontwikkelt zich volgens het NZMO van een vanzelfsprekende arbeidsvoorwaarde naar een mobiliteitsvoorziening waarbij werkgevers kritischer bepalen voor wie en in welke vorm deze wordt aangeboden. 

Renate Hemerik: “Voor de leasesector is dit een belangrijke ontwikkeling. De auto blijft een centrale rol spelen in zakelijke mobiliteit, maar de context verandert. Werkgevers kijken nadrukkelijker naar kosten, inzetbaarheid, laden en naar de totale mobiliteitsbehoefte van medewerkers. Daarmee ontwikkelt de leasemaatschappij zich steeds verder van leverancier van een auto naar partner in mobiliteit en wagenparkoptimalisatie.”

Kostenbeheersing en TCO worden (nog) belangrijker

Misschien wel de grootste operationele uitdaging voor bedrijven is het beheersen van de stijgende kosten van mobiliteit. Bedrijven geven aan dat de uitgaven aan mobiliteit per medewerker vorig jaar gemiddeld met 10% toenamen. Voor werkgevers zijn kosten dan ook het belangrijkste aspect bij het inrichten van zakelijke mobiliteit. 
Van de bedrijven die kampen met sterk stijgende mobiliteitskosten (>10% stijging per medewerker) kiest 39% voor snellere elektrificatie. Bedrijven vermijden hiermee de torenhoge brandstofprijzen. Daar staat tegenover dat EV’s veelal duurder in aanschaf zijn, wat resulteert in hogere normleasebedragen. Ook hebben bedrijven niet altijd goed inzicht in de kosten van laden. 

Elektrificatie wordt daarmee niet alleen gedreven door duurzaamheid en fiscaliteit, maar wordt door werkgevers ook gezien als mogelijke route naar kostenbeheersing. Voor de leasesector betekent dit dat Total Cost of Ownership (TCO), advies en wagenparkoptimalisatie steeds belangrijker worden.

Renate Hemerik: “De snelle overgang naar EV’s betekent ook dat de kosten van mobiliteit in hoog tempo veranderen. De kosten van gebruik dalen, maar de vaste kosten stijgen. TCO en laadkostenmanagement worden (nog) belangrijker. Leasemaatschappijen kunnen met hun kennis bijdragen aan wagenparkoptimalisatie en kostenbeheer. Zo valt op dat minder dan een kwart van de bedrijven de laadkosten monitort. Daar valt nog veel te winnen.”

Kortom, van elektrificeren naar optimaliseren

Het NZMO 2026 laat een duidelijke volgende fase zien. De discussie gaat steeds minder over de vraag óf zakelijke mobiliteit elektrificeert. De vragen worden praktischer: welke EV past binnen het budget, hoe wordt laden georganiseerd, hoe worden kosten beheerst, hoeveel keuzevrijheid krijgt de medewerker en hoe worden fiscale maatregelen vertaald naar mobiliteitsbeleid? 

Voor de leasesector betekent dit dat de dienstverlening rondom de auto steeds belangrijker wordt. Werkgevers nemen nadrukkelijker de regie over hun mobiliteitsbeleid, terwijl leasemaatschappijen zich verder ontwikkelen tot mobiliteits- en optimalisatiepartner.

Over NZMO
Het Nationaal Zakelijke Mobiliteitsonderzoek 2026 is een initiatief van Automotive Management, VNA, RDC en Allianz en wordt uitgevoerd door VMS | Insight. Het onderzoek brengt jaarlijks de ontwikkelingen in zakelijke mobiliteit in kaart vanuit het perspectief van werkgevers en zakelijke reizigers.