De gevolgen zijn groot voor onze bereikbaarheid, mobiliteit, logistiek en economische ontwikkeling, en in sommige gevallen zelfs voor de veiligheid.Samen met een ongekend brede coalitie roept VNA het kabinet daarom op om nu in te grijpen en structureel meer te investeren in infrastructuur. Concreet pleit de coalitie ervoor wettelijk vast te leggen dat twee procent van het bruto binnenlands product naar infrastructuur gaat, zoals dat ook voor Defensie is geregeld.
Goede infrastructuur is immers een randvoorwaarde voor de ontwikkeling van Nederland. Ze maakt woningbouw mogelijk, versterkt onze economie en ons vestigingsklimaat en draagt bij aan onze bereikbaarheid, weerbaarheid, veiligheid en brede welvaart.
Renate Hemerik, voorzitter VNA:
“Je kunt van bedrijven verwachten dat ze investeren in duurzame mobiliteit, maar dan moet de overheid zorgen dat de infrastructuur meegroeit. Zonder structurele investeringen komen bereikbaarheid, verduurzaming én economische groei onder druk te staan.”
Onze oproep aan het kabinet
Gemeenten, provincies, vervoerregio's, het bedrijfsleven, mobiliteitsaanbieders, logistieke partijen en de bouw vragen het kabinet om twee onlosmakelijk verbonden stappen te zetten:
1. Geef de infrastructurele opgave een centrale plaats in de begroting richting Prinsjesdag:
- zorg voor structureel meer middelen en daarmee voldoende budgettering voor beheer & onderhoud en vervanging & renovatie, en begin daar nu mee;
- creëer investeringsruimte voor noodzakelijke nieuwe aanleg en uitbreiding en houd vast aan reeds gemaakte afspraken, zodat regio’s, bedrijven en investeerders daarop kunnen blijven bouwen;
- neem belemmeringen in de begrotings- en financieringssystematiek voor langjarige publieke investeringen weg.
2. Ontwikkel met betrokken partijen een meerjarig en toekomstbestendig nationaal investerings- en financieringsplan voor de Nederlandse infrastructuur. Ga hierover op korte termijn kabinetsbreed met een gezamenlijke delegatie van onze organisaties in gesprek.
Want: investeren in infrastructuur loont. Tijdig investeren voorkomt hogere maatschappelijke kosten in de toekomst en versterkt het verdienvermogen van Nederland.
Deze opgave overstijgt de verantwoordelijkheid van één minister of één begrotingsbehandeling. Zij heeft directe gevolgen voor economie, woningbouw en nationale veiligheid. Voor een toekomstbestendige begrotings- en financieringssystematiek zijn bovendien besluiten nodig waarbij het ministerie van Financiën een centrale rol speelt. Dit is dan ook een zaak van het kabinet als geheel en van de Rijksbegroting in haar volle breedte. Een oplossing vraagt om een Rijksbrede aanpak.
Dus: Nederland kan zich niet veroorloven te wachten tot de infrastructuur verder vastloopt. Er is nu meer budgettaire ruimte nodig voor instandhouding én creëer ruimte voor nieuwe aanleg én ontwikkel een meerjarig en toekomstbestendig nationaal investerings- en financieringsplan voor de Nederlandse infrastructuur.